|
|
|
|
 |
|
|
|
| Leerlingenstatuut
|
1. Doel van het statuut
Het leerlingenstatuut regelt de rechten en plichten van leerlingen. het heeft als doel dat we op school weten waar we met elkaar aan toe
zijn en zo met elkaar omgaan als God het bedoeld heeft.
2. Informatie en overleg
Alle leerlingen worden op tijd op geïnformeerd over de dingen die ze moeten weten om op school hun werk te kunnen doen. Leerlingen kunnen voor hun belangen opkomen in het leerlingenoverleg.
3. Goed onderwijs
De leerlingen hebben recht op goed onderwijs, in lijn met de gereformeerde grondslag van de school en de plicht om zich zo te gedragen dat het onderwijs goed kan worden verzorgd.
4. Goed voorbereid in de les
Leerlingen zijn verplicht om op tijd in de les te komen. Ze hebben dan de goede dingen (boeken schriften, agenda e.d.) bij zich en hun huiswerk gemaakt .
5. Huiswerk
Huiswerk moet duidelijk worden opgegeven en goed gespreid over de lesweken. Repetities worden minimaal een week van te voren opgegeven.
6. Repetities en toetsen
De leerstof wordt regelmatig getoetst. In de regel mag er per dag maar een repetitie worden gegeven en per week hooguit zeven repetities (met uitzondering van toetsweken en inhaalrepetities).
7. Nakijken en nabespreken
Overhoringen, repetities en toetsen moeten binnen twee week zijn nagekeken en worden nabesproken met de leerlingen die dat willen.
8. Rapporten
De leerlingen krijgen vier keer per jaar een rapport. In het rapportcijfer tellen alle tot dan toe behaalde cijfers mee. Op het rapport staat hoe zwaar ze meetellen.
9. Overgangsnormen en schoolloopbaan
Op de rapporten staan de normen waaraan je moet voldoen (gemiddelde en aantal tekorten) om naar een bepaalde klas of afdeling over te gaan. Deze normen worden voor het begin van het jaar vastgesteld. Om leerlingen goed te kunnen begeleiden wordt de nodige informatie door school zorgvuldig vastgelegd.
10. Examentraject
Leerlingen in het examentraject (VMBO 3 en 4) (HAVO 4 en 5) (VWO 4-6) krijgen aan het begin van hun examentraject een Programma van Toetsing en Afsluiting (PTA) uitgereikt waarin staat aan welke eisen ze
moeten voldoen om het examen te halen en welke regels daarvoor gelden.
11. Onderlinge omgang
We gaan op school zo met elkaar om dat iedereen zich gewaardeerd en veilig kan voelen. Dat komt tot uiting in gedrag, taalgebruik, kleding.
12. Zorgvuldig met de spullen
We gaan zorgvuldig om met elkaars spullen en met schoolspullen en het schoolgebouw. Wie schade veroorzaakt moet het zelf betalen. We houden de omgeving van de school netjes en gooien afval in de
afvalbak
13. Activiteiten van leerlingen
Leerlingen hebben het recht om activiteiten te organiseren (b.v. klassenavonden schoolkrant, leerlingenvereniging). Activiteiten moeten in overeenstemming zijn met het leerlingenstatuut.
14. Strafmaatregelen
Leerlingen die zich niet houden aan de regels worden daarover aangesproken en krijgen een gepaste straf.
15. Vaststelling en Slotbepaling
Het statuut wordt door de Centraal Directeur vastgesteld, met instemming van de MR. In gevallen waarin het statuut niet voorziet beslist de Centraal Directeur.
|
|
|
|
|
Vormgeving en realisatie:
SchoolMaster BV
|