|
Klassieke talen saai?Je hebt misschien wel eens gehoord van
de held Ajax. In ieder geval ken je de grote Romeinse veldheer Julius
Caesar, die het Asterix en Obelix moeilijk maakte. En wat denk je van
Aeneas en Achilles en de goden op de Olympus? Of van Icarus, die met
zijn vader over zee vloog, maar neerstortte omdat hij te dicht bij de
zon kwam? Daarover gaat het bij klassieke talen. Maar er is meer: je
maakt kennis met woorden, zinnen, teksten en betekenissen. En dat is
heel belangrijk als je over inhoudelijke onderwerpen wilt praten, over
ingewikkelde zaken wilt discussiëren of gewoon in die verhalen
geïnteresseerd bent. Klassieke talen zijn de vakken met de oudste
verhalen (na godsdienst dan). Grieks en Latijn – al meer dan 2000 jaar
oud. Latijn is het enige vak dat al meer dan 2000 jaar onafgebroken
onderwezen wordt aan mensen tussen de 10 en 20 jaar. Als je dus Latijn
in je pakket hebt, dan ben je zelf een schakel in de ketting die al
eeuwen geleden begonnen is… Deze vakken worden vanaf de tweede
tot en met de zesde klas gegeven. Het is soms hard werken, maar… mensen
die deze vakken hebben gehad, zeggen bijna altijd dat ze er geen spijt
van hebben gehad. Mensen die ze niet hebben gehad, zeggen vaak: ‘Kon ik
mijn keuze maar opnieuw maken’. Vraag maar eens aan een paar leraren of
aan mensen buiten de school. Grieks en Latijn zijn beslist niet saai. Kijk maar eens op www.koxkollum.nl!
Wat kan ik met deze vakken? Eén
van de eerste vragen bij Grieks en Latijn is vaak: wat heb je eraan?
Het technische woord voor ‘dat wat je ergens aan hebt’ is relevantie.
Wat is de relevantie van klassieke talen? Waarvoor heb je Grieks en
Latijn nodig? Dat is maar voor één studie, en dat is een mooie en
waardevolle studie: theologie (kun je studeren in Amsterdam, Kampen,
Apel-doorn en eventueel Utrecht). Maar Grieks en Latijn hebben vooral
een indirecte relevan-tie. Wat heb je eraan? - je herkent allerlei lastige woorden in het Nederlands
- Frans (maar ook Spaans, Portugees, Italiaans en Roemeens) is een taal die uit het Latijn voortkomt
- de naamvallen in het Duits worden een stuk makkelijker als je klassieke talen hebt
- allerlei
dingen uit de politiek, de rechtbank en het ziekenhuis komen uit het
Grieks en Latijn: democratie, advocaat, anesthesist
- de Europese cultuur is gebouwd op het fundament van de Griekse en Latijnse cul-tuur
- je leert wat er over een periode van 2000 jaar hetzelfde gebleven is en wat er ver-anderd is
- de Grieken stonden aan het begin van wetenschappen als wiskunde (Pythagoras) en filosofie (Socrates)
- je maakt kennis met heerlijk spannende verhalen; wat dacht je van films als The Gladiator (Latijn) en Troy (Grieks)?
- je krijgt inzicht in een taal en leert om taal zo te gebruiken dat je anderen makkelijk voor jouw standpunt kunt winnen
- je kunt het Nieuwe Testament (makkelijk Grieks!) zelf lezen en dus beter begrijpen
- het is goed voor je algemene vormingbij klassieke talen horen een paar leuke uitstapjes
Grieks
en Latijn is hard werken, dat wel. We houden ons in de les veel bezig
met vertalen en het begrijpen van de taal. Maar er is ook ruimte om de
cultuur van de Grieken en de Romeinen te leren kennen. Wie was Julius
Caesar, hoe zat het met de goden, en natuur-lijk het beroemde verhaal
over de Trojaanse oorlog.
Wat kan ik met deze vakken? Eén
van de eerste vragen bij Grieks en Latijn is vaak: wat heb je eraan?
Het technische woord voor ‘dat wat je ergens aan hebt’ is relevantie.
Wat is de relevantie van klassieke talen? Waarvoor heb je Grieks en
Latijn nodig? Dat is maar voor één studie, en dat is een mooie en
waardevolle studie: theologie (kun je studeren in Amsterdam, Kampen,
Apel-doorn en eventueel Utrecht). Maar Grieks en Latijn hebben vooral
een indirecte relevan-tie. Wat heb je eraan? - je herkent allerlei lastige woorden in het Nederlands
- Frans (maar ook Spaans, Portugees, Italiaans en Roemeens) is een taal die uit het Latijn voortkomt
- de naamvallen in het Duits worden een stuk makkelijker als je klassieke talen hebt
- allerlei
dingen uit de politiek, de rechtbank en het ziekenhuis komen uit het
Grieks en Latijn: democratie, advocaat, anesthesist
- de Europese cultuur is gebouwd op het fundament van de Griekse en Latijnse cul-tuur
- je leert wat er over een periode van 2000 jaar hetzelfde gebleven is en wat er ver-anderd is
- de Grieken stonden aan het begin van wetenschappen als wiskunde (Pythagoras) en filosofie (Socrates)
- je maakt kennis met heerlijk spannende verhalen; wat dacht je van films als The Gladiator (Latijn) en Troy (Grieks)?
- je krijgt inzicht in een taal en leert om taal zo te gebruiken dat je anderen makkelijk voor jouw standpunt kunt winnen
- je kunt het Nieuwe Testament (makkelijk Grieks!) zelf lezen en dus beter begrijpen
- het is goed voor je algemene vormingbij klassieke talen horen een paar leuke uitstapjes
Grieks
en Latijn is hard werken, dat wel. We houden ons in de les veel bezig
met vertalen en het begrijpen van de taal. Maar er is ook ruimte om de
cultuur van de Grieken en de Romeinen te leren kennen. Wie was Julius
Caesar, hoe zat het met de goden, en natuur-lijk het beroemde verhaal
over de Trojaanse oorlog.
Grieks en Latijn in de tweede klas?
a. heb je in de brugklas gemiddeld hoger dan een 7,5 voor al je vakken gehaald? b. heb je aan het eind van de brugklas voor alle talen een voldoende? c. ben je gemotiveerd?
Dan kom je in aanmerking voor Grieks en Latijn (V -leerlingen die niet aan punt a. of b. voldoen, kunnen overleggen met hun mentor). In het tweede leerjaar wordt er per week 2 uur Grieks en 2 uur Latijn gegeven. Wie voor klassieke talen kiest, krijgt in het tweede leerjaar beide talen: Grieks en Latijn. Degenen die klassieke talen volgen, krijgen van een aantal vakken 2 uur per week in plaats van 3 uur (er wordt gekort op de uren Nederlands, Frans, Engels, wiskunde of lichamelijke opvoeding). Daardoor missen leerlingen met klassieke talen missen dus van tijd tot tijd een les van een ander vak. Er wordt op school naar gestreefd om dit te beperken tot 2 lessen per week. Vandaar dat er 2 (soms 3) uur per week extra op het rooster staat voor een leerling die klassieke talen volgt. Kies je voor klassieke talen dan kom je in een andere klas, de samenstelling van de klassen verandert dus wel door het volgen van klassieke talen.
Bij het maken van de keus of je Grieks en Latijn wilt gaan doen, is het verstandig om ook rekening te houden met het volgende:
- vind ik het leuk om twee oude talen te leren, ook als er lastige dingen aan de orde komen?
- kan ik de extra belasting aan naast mijn gewone programma?
- kan ik zoveel structuur in mijn werk aanbrengen dat ik de stof inhaal van de lessen die ik mis?
Ieder jaar wordt er begin mei een introductieles gegeven voor leerlingen uit de eerste klas. Daarover krijg je vanzelf een brief van je mentor.
Grieks en Latijn in de tweede klas?
a. heb je in de brugklas gemiddeld hoger dan een 7,5 voor al je vakken gehaald? b. heb je aan het eind van de brugklas voor alle talen een voldoende? c. ben je gemotiveerd?
Dan kom je in aanmerking voor Grieks en Latijn (V -leerlingen die niet aan punt a. of b. voldoen, kunnen overleggen met hun mentor). In het tweede leerjaar wordt er per week 2 uur Grieks en 2 uur Latijn gegeven. Wie voor klassieke talen kiest, krijgt in het tweede leerjaar beide talen: Grieks en Latijn. Degenen die klassieke talen volgen, krijgen van een aantal vakken 2 uur per week in plaats van 3 uur (er wordt gekort op de uren Nederlands, Frans, Engels, wiskunde of lichamelijke opvoeding). Daardoor missen leerlingen met klassieke talen missen dus van tijd tot tijd een les van een ander vak. Er wordt op school naar gestreefd om dit te beperken tot 2 lessen per week. Vandaar dat er 2 (soms 3) uur per week extra op het rooster staat voor een leerling die klassieke talen volgt. Kies je voor klassieke talen dan kom je in een andere klas, de samenstelling van de klassen verandert dus wel door het volgen van klassieke talen.
Bij het maken van de keus of je Grieks en Latijn wilt gaan doen, is het verstandig om ook rekening te houden met het volgende:
- vind ik het leuk om twee oude talen te leren, ook als er lastige dingen aan de orde komen?
- kan ik de extra belasting aan naast mijn gewone programma?
- kan ik zoveel structuur in mijn werk aanbrengen dat ik de stof inhaal van de lessen die ik mis?
Ieder jaar wordt er begin mei een introductieles gegeven voor leerlingen uit de eerste klas. Daarover krijg je vanzelf een brief van je mentor.
Grieks en Latijn in de derde klas?
Aan het eind van de tweede klas komt op een gegeven moment de vraag: zal ik in de derde klas Grieks en Latijn houden? Of is het misschien verstandiger om de beide vakken te laten vallen? Als je cijfers goed zijn (denk daarbij aan 7,5 of hoger), dan is er geen vuiltje aan de lucht: je kunt de beide talen houden. Mocht je even vergeten zijn waarvoor je het ook alweer doet, kijk dan nog even op deze site naar de relevantie van de beide vakken. Mochten je cijfers lager uitvallen, maar komt dat doordat je er niet echt gemotiveerd aan hebt gewerkt, dan is de derde klas een uitdaging om je cijfers op te vijzelen. Maar als je gemiddelde rond de 6 of lager ligt en je er hard voor gewerkt hebt, dan is het verstandig om niet door te gaan met Grieks en Latijn. Je hebt het een jaar geprobeerd, en dat is voldoende. Hoe zit het roostertechnisch in elkaar? Bij een voldoende aantal leerlingen wordt er een afzonderlijke gymnasiumklas gevormd met een eigen rooster en is er geen sprake van extra belasting. Dit is de normale gang van zaken. Het komt echter een enkele keer voor dat er wat minder aanmeldingen zijn. In dat geval wordt er geen afzonderlijke klas gevormd, maar worden er aanpassingen in het basisrooster aangebracht. Dat betekent: bij een aantal vakken geen 3 uur, maar 2 uur per week (daarbij wordt een keus gemaakt uit de vakken Nederlands, Engels, wiskunde, geschiedenis, beeldende vorming en lichamelijke opvoeding). Verder heeft een leerling met klassieke talen per week maximaal twee uur extra les in vergelijking met een leerling zonder klassieke talen. Daar staat tegenover dat de vakken in de loop van de tijd steeds leuker worden en er in de derde klas een uitstapje inzit.
Grieks en Latijn in de derde klas?
Aan het eind van de tweede klas komt op een gegeven moment de vraag: zal ik in de derde klas Grieks en Latijn houden? Of is het misschien verstandiger om de beide vakken te laten vallen? Als je cijfers goed zijn (denk daarbij aan 7,5 of hoger), dan is er geen vuiltje aan de lucht: je kunt de beide talen houden. Mocht je even vergeten zijn waarvoor je het ook alweer doet, kijk dan nog even op deze site naar de relevantie van de beide vakken. Mochten je cijfers lager uitvallen, maar komt dat doordat je er niet echt gemotiveerd aan hebt gewerkt, dan is de derde klas een uitdaging om je cijfers op te vijzelen. Maar als je gemiddelde rond de 6 of lager ligt en je er hard voor gewerkt hebt, dan is het verstandig om niet door te gaan met Grieks en Latijn. Je hebt het een jaar geprobeerd, en dat is voldoende. Hoe zit het roostertechnisch in elkaar? Bij een voldoende aantal leerlingen wordt er een afzonderlijke gymnasiumklas gevormd met een eigen rooster en is er geen sprake van extra belasting. Dit is de normale gang van zaken. Het komt echter een enkele keer voor dat er wat minder aanmeldingen zijn. In dat geval wordt er geen afzonderlijke klas gevormd, maar worden er aanpassingen in het basisrooster aangebracht. Dat betekent: bij een aantal vakken geen 3 uur, maar 2 uur per week (daarbij wordt een keus gemaakt uit de vakken Nederlands, Engels, wiskunde, geschiedenis, beeldende vorming en lichamelijke opvoeding). Verder heeft een leerling met klassieke talen per week maximaal twee uur extra les in vergelijking met een leerling zonder klassieke talen. Daar staat tegenover dat de vakken in de loop van de tijd steeds leuker worden en er in de derde klas een uitstapje inzit.
|
Woorden en grammatica leren
Woorden leren, dat is één van de lastigste en minst leuke dingen die er zijn. Hoewel het steeds minder hoeft op het voortgezet onderwijs, is het onmisbaar. Grieks en Latijn zie je niet op tv, hoor je niet op de radio en kom je ook op internet weinig tegen. Dus als je een taal al vanzelf zou kunnen leren (wie is er die de stelling aandurft dat je een taal vanzelf kunt leren?!), dat geldt in ieder geval niet voor Grieks en Latijn. Je zult moeten leren. Er staan op internet enkele handige links om dat leren gemakkelijker te maken.
Voor Latijn: www.hermaion.nl (spelend oefenen bij Lingua Latina). Vooral de methode flash-cards is heel zinvol om woorden te leren. Voor Grieks: www.teach2000.nl En dan nog iets anders… Er staan op internet vertalingen van teksten uit je boek en antwoorden van oefeningen. Nu kun je die natuurlijk dom gaan overpennen in je schrift of (iets slimmer) uitprinten en opplakken. Niet doen! Dat lijkt heel slim en snel, maar het tegendeel is waar: als snel begrijp je niets meer van wat je leest en doet. Gevolg: de lessen worden moeilijk en dus saai. De tijd begint opeens te kruipen, de leraren begrijpen je niet meer (jij begrijpt de leraren niet meer), je krijgt zo veel vrije tijd dat je je begint te vervelen. Kortom: dom. En… je weet niet of de antwoorden die op internet staan, wel correct zijn. Zelf doen dus, en als je het echt niet kunt laten: even kijken als je je werk zelf gemaakt hebt en kijken of jouw antwoorden toevallig overeenkomen met wat je op je schermpje ziet.
Woorden en grammatica leren
Woorden leren, dat is één van de lastigste en minst leuke dingen die er zijn. Hoewel het steeds minder hoeft op het voortgezet onderwijs, is het onmisbaar. Grieks en Latijn zie je niet op tv, hoor je niet op de radio en kom je ook op internet weinig tegen. Dus als je een taal al vanzelf zou kunnen leren (wie is er die de stelling aandurft dat je een taal vanzelf kunt leren?!), dat geldt in ieder geval niet voor Grieks en Latijn. Je zult moeten leren. Er staan op internet enkele handige links om dat leren gemakkelijker te maken.
Voor Latijn: www.hermaion.nl (spelend oefenen bij Lingua Latina). Vooral de methode flash-cards is heel zinvol om woorden te leren. Voor Grieks: www.teach2000.nl En dan nog iets anders… Er staan op internet vertalingen van teksten uit je boek en antwoorden van oefeningen. Nu kun je die natuurlijk dom gaan overpennen in je schrift of (iets slimmer) uitprinten en opplakken. Niet doen! Dat lijkt heel slim en snel, maar het tegendeel is waar: als snel begrijp je niets meer van wat je leest en doet. Gevolg: de lessen worden moeilijk en dus saai. De tijd begint opeens te kruipen, de leraren begrijpen je niet meer (jij begrijpt de leraren niet meer), je krijgt zo veel vrije tijd dat je je begint te vervelen. Kortom: dom. En… je weet niet of de antwoorden die op internet staan, wel correct zijn. Zelf doen dus, en als je het echt niet kunt laten: even kijken als je je werk zelf gemaakt hebt en kijken of jouw antwoorden toevallig overeenkomen met wat je op je schermpje ziet.
|